Enters innovatief Ontdek en Doe-centrum bij ’n Waarf is geopend

Door: Jenny ter Maat | 03-06-2023
ENTER – ‘Voort-varend’, beklemtoont Andries Heidema, commissaris van de koning in Overijssel, de gang van zaken rond de realisatie van het Ontdek en Doe-centrum op ’n Waarf in Enter. Samen met Jenny Velten opent Heidema het centrum met een paar hamerslagen op houten pinnen.

Heidema: “Voortvarend, zowel letterlijk als figuurlijk. Dat paste ook goed bij Gerrit Velten. Wij voelen Gerrits aanwezigheid en trots.” Oud-voorzitter Gerrit Velten, grote animator van dit project, overleed onverwacht in augustus 2022. Zijn vrouw, Jenny Velten, maakt nu deel uit van het bestuur van de Regionale stichting Enterse Zomp en opende vrijdagmiddag de deur naar het centrum.

Slagvaardig, eigenzinnig

Voortvarend waren ook de zompschippers. De oorsprong van de aard van de Enternaar kan zomaar liggen in de Enterse historie, vertelt bestuurslid Henk Velten. “De Enternaar is ondernemend, slagvaardig, eigenzinnig, heeft humor en laat zich niet de les lezen”, somt hij op. De zompschippers voeren met hun zompen de rivieren af, handelden ver buiten Enter, losten onderweg problemen op, hoorden wat er speelde verder in het land. “Terug in Enter waren ze beter op de hoogte dan de lokale notabelen”, aldus Velten. “We zijn trots op onze cultuurhistorie en dat willen we graag delen met anderen.”

Regt door Zee

Die voortvarendheid past ook bij het bestuur van de Regionale stichting Enterse Zomp. Voorzitter Herman ter Avest geeft in het kort weer wat er sinds de oprichting van de Regionale stichting Enterse Zomp, nog geen veertig jaar geleden, gebeurd is. In april 1986 lag de eerste Enterse zomp, de Regt door Zee, in Rijssen bij de Pelmolen. Daar kwam later een botenhuis bij. In Enter vaart inmiddels De Vriendschap en is er een prachtige Waarf gebouwd, vanuit Hellendoorn vaart de Schuttevaer. “Op ’n Waarf wordt nu de tweede Regt door Zee gebouwd, een nieuwe zomp voor Rijssen. Zonder subsidie”, benadrukt Ter Avest.
De stichting is in gesprek met de gemeente Rijssen-Holten over de bouw van een nieuw botenhuis bij de Pelmolen, als onderdak voor de nieuwe zomp. De voorzitter is blij met het Ontdek en Doe-centrum.

Geen stoffig museum

“Wat we niet wilden was een stoffig museum. En dat is het ook niet geworden, met onder andere games rond de zompenbouw en een virtuele verrekijker door het Enters Reggedal. Mede dankzij de inzet van oud-voorzitter Gerrit Velten. Het is triest dat hij de opening niet mee kan maken.”

Zompenbitter

Andries Heidema en Jenny Velten onthullen, als hamerend, drie panelen verwijzend naar het Doe en Ontdekcentrum en naar het varen met de zomp. Daarna wordt een toost uitgebracht, uiteraard met zompenbitter.
Heidema kreeg een stropdas overhandigt, met een boodschap: “De commissaris kan de stropdas omdoen zo gauw hij, samen met de ook aanwezige wethouder Erik Wessels van Rijssen-Holten, het nieuwe botenhuis in Rijssen opent.”

Snisterend water

Naast alle innovaties die in het nieuwe centrum verhalen over de geschiedenis van Enter en de belevenissen van de zompschippers ook een paar regels die het gevoel, de trots van de zompschipper verwoorden:
‘Het water snistert langs de boorden
door kromme bochten tot een lange lijn
de zon weerspiegelt in het water
wat is het machtig om zompschipper te zijn.’

Enterse Zomp opent Ontdek- en Doecentrum

 

Enterse Zomp opent Ontdek- en Doecentrum

(Tubantia 11-05-2023) Zeg je Enter, dan zeg je de Enterse Zomp. De platbodems zijn onlosmakelijk verbonden met het dorp. De eerste boten werden eeuwen geleden, rond 1600, al gebouwd en gebruikt. Een rijke geschiedenis en die moet verteld worden. En dat gebeurt in het gloednieuwe Ontdek en Doe-centrum van de Zomp.

Het lijkt een mini-museum, maar dat is het absoluut niet. De zolder van het bijgebouw bij de Enterse Zomp is omgetoverd tot gloednieuw Ontdek en Doe-centrum.

Vlogs en mini-games

 Via de trap van het bijgebouw kom je terecht op de zolder. „Het is een reis door de geschiedenis van de Enterse Zomp. De zompenbouwers hebben zoveel meegemaakt. Dat verhaal willen we vertellen”, vertelt bestuurslid Frans Schuitemaker.

En die reis door de geschiedenis maken ze zo modern mogelijk. Zo haalden ze hun inspiratie uit bijvoorbeeld vlogger Enzo Knol, want „dat vloggen doet de jeugd tegenwoordig”, zegt Strabbing. Waarom? „Het moet niet statig en saai zijn, maar juist een beetje fris en leuk. Het is zoals de jeugd het graag ziet, maar dan in een ‘oude’ setting.”

 

De officiële opening is op 2 juni aanstaande, uitsluitend voor genodigden.

Voor ons nieuwe Ontdek & Doe centrum kunt u een boeking maken voor groepen, dit in combinatie met een reservering van de ruimte bij de werf.

 

Bodbreef van ‘Kreenk vuur de Twentse Sproak’ ook te beluisteren via Spotify

Gelezen op FaceBook pagina van nKreenk vuur de Twentse Sproak dd 03-03-2023

n Kreenk vuur de Twentse Sproak hef Niejs oaver ‘n Podbreef


Kottens hebt leden van’ Kreenk tehope met Peter Schavemaker, nen journalist oet Nijverdal den ok lid van’ Kreenk is, bedach um te beginnen met ne luusterpagina op Spotify.

Spotify wördt völ broekt vuur et luusteren van meziek en kuieriej. Dee Kreenk-Podcast het Podbreef.
In verscheadene biejeenkomsten, zoas in et Koetshoes/Twentehoes in Riessen, neamp Schavemaker met elkene dee met wil doon Twentse gedichen, vesjes, verhalen enzovoort op in audio.
In den Podbreef is ok ruumte vuur allerlei soorten leedjes in et Twents, en verhalen doaroaver.
Met ‘n Podbreef wilt wiej et Twents, met doarin alle verscheadene oetsproaken, vastleggen en loaten heuren.
De audiobestanden kö’j ofluusteren op de Spotify link:

 

Wat is ok a wier ne podcast?
‘n Streamingsdeens Spotify is de thoesbasis van podcasts, dee’j vergelieken könt met radio oetzendingen. ‘n Groot verschil met radio is da’j podcasts oaveral en aaltied, via Spotify könt ofluusteren en iej nich meer ofhankelijk bunt van woneer ‘n radioprogramma wördt oetzunden.
In Podcasts tref iej mangs kuieriej an en mangs kö’j luusteren noar meziek.
Ze könt feijlik oaver van alns goan…
Onzen Podbreef geet oaver et Twents; de taal en hoo of iej et oetsprekt.
Peter Schavemaker

NB: er bunt al meerdere podcasts of te luustrn op Spotify. Hier ku’n je gratis gebroek van moakn.

filmpje over De Parels van Rijssen

Er is een prachtige film gemaakt over de “Toeristische parels van Rijssen” door Ruud Calis en Johan Koster.
Deze is te vinden via deze hyperlink : https://youtu.be/HRD8-LV0PxQ 
Veel kijkplezier!!

Bijbelvast Rijssen werd schatrijk door jutezakken, transport, bouw en matscultuur

Bijbelvast Rijssen werd schatrijk door jutezakken, transport, bouw en matscultuur

Frank Gersdorf 25 aug 2022
Financieel Dagblad

Het kleine Rijssen bruist van ondernemerschap. De naam van het Twentse stadje is verbonden met grote bouwbedrijven en transporteurs die in heel Nederland actief zijn. ‘Wat Rijssen zo uniek maakt, is het noeste arbeidsethos.’ Deel 1 van een serie over ondernemende dorpen en stadjes in de provincie.

Lees het volledige artikel: https://fd.nl/economie/1445959/bijbelvast-rijssen-werd-schatrijk-door-jutezakken-transport-bouw-en-matscultuur?utm_medium=social&utm_source=facebook&utm_campaign=earned&utm_content=20220827&fbclid=IwAR3kwRKVVhg1ckpTIhjhDUl0itplJg7jgGp-igmQXzct6cUOhr5QQmK2QE8

 

In het kort
-Rijssen is een ondernemend stadje, met uitzonderlijk veel Quote 500-rijken
-Veel Rijssenaren zijn streng gelovig, dit verklaart voor een deel de zakelijke successen.
-Opvallend zijn het noeste arbeidsethos, de bereidheid tot samenwerken en de sterke gemeenschapszin.
-Vroeger was Rijssen een baksteen- en jutecentrum, nu een bouw- en transportstad.

 

Overal in Nederland zijn er in juni haringparty’s, maar die in Rijssen is een bijzondere. Nergens zijn de donaties voor goede doelen groter dan in het Twentse stadje met 29.000 inwoners. Dit jaar brachten ondernemers uit Rijssen en de buurdorpen Holten en Enter €164.500 bij elkaar. Dat is veel meer dan de €115.400 van de party’s in Enschede, Hengelo en Almelo bij elkaar.

‘Rijssen stijgt er altijd met stip bovenuit’, zegt Jan Bakker, een 75-jarige oud-voorzitter van de Kring Werkgevers Rijssen (KWR). ‘Iedereen doet wat geld in de pot.’

Oude Hollandse meesters

Bakker wandelt door de Oosterhof, een havezate waarvan de tuin in juni het decor van het haringfeestje was. Hij is ook voorzitter van het Rijssens Museum, dat is ondergebracht in de hoeve. Dit museum is volgens Bakker een van de rijkste van de provincie, met een grote collectie oude Hollandse meesters en Delfts aardewerk.

Ook deze culturele weelde was er niet als Rijssen geen ondernemende stad was. Een mede-eigenaar van de jutefabriek van Ter Horst liet zijn kolossale kunstverzameling in de jaren vijftig na aan de Rijssense gemeenschap. Die collectie was toen al miljoenen waard.

De familie Ter Horst, schatrijk geworden met de fabricage van jutezakken voor koffiebonen uit Indië, had een halve eeuw eerder al voor het personeel een statig ontspanningscentrum laten bouwen, het Parkgebouw, en een stadspark, het Volkspark. Beide werden later geschonken aan de Rijssense gemeenschap. Ze zijn tegenwoordig rijksmonumenten.

Quote 500

Er is geen ander stadje in Nederland waar ondernemen zo op de voorgrond staat en waar ondernemers zo de boventoon voeren. Dat blijkt ook uit andere feiten. Negen rijken uit de Quote 500-lijst wonen in de gemeente Rijssen-Holten en vijf FD Gazellen kwamen vorig jaar uit Rijssen.

In 2021 kreeg Rijssen-Holten voor de derde achtereenvolgende keer van MKB-Nederland het predicaat mkb-vriendelijkste gemeente. In de werkkamer van wethouder Bert Tijhof (CU) in het stadhuis hangen de drie blauwe plaatsnaamborden waarmee de lobbyvereniging de gemeente in het zonnetje zette, gekanteld aan de muur. ‘Ik had er anders geen plaats voor’, zegt Tijhof.

Wie door het stadje rijdt, kan het niet ontgaan dat er veel familieondernemingen zijn. Grote op de bedrijventerreinen aan de rand van de stad, maar ook kleintjes in het centrum, zoals de damesmodewinkel Voortman, die al bijna een eeuw het hoofd boven water houdt.

Grote bedrijven bevinden zich vooral in en om grote steden. Alle bedrijven? Nee. Nederland kent een paar opmerkelijk succesvolle ondernemende dorpen en stadjes in de provincie. Deel I Rijssen Deel II Varsseveld Deel III Emmeloord
Platte kathedraal
De grootste onderneming, langs de rivier de Regge, is VolkerWessels, met als buurman grootaandeelhouder Reggeborgh in een pand dat lijkt op een gigantische glasvezelkabel of een platte kathedraal. Maar er zijn veel meer grote bouwbedrijven, en de meeste werken net als VolkerWessels landelijk. Zoals Nieuwenhuis, Nijhuis, Akor, Ter Steege, Roosdom Tijhuis en Vastbouw.

‘Bij elkaar zijn het er wel twintig of meer’, zegt Hans ter Steege, dga van Ter Steege Bouw Vastgoed, tevens voorzitter van de KWR. Albert ten Brinke, de eigenaar van het bouwconcern Ten Brinke uit Varsseveld, is geboren in Enter, maar de miljardair woont in Rijssen.

De bouwnijverheid heeft Rijssen de naam ‘bouwstad’ opgeleverd. Automobilisten die de stad bezoeken, zien het vanzelf. Zij moeten op de Reggesingel drie keer om grote kunstwerken heenrijden, van hout, metaal en steen, metershoge objecten die de bouw verbeelden.

Maar Rijssen is meer dan een bouwstad. Er is een tweede bedrijfstak die het stadje domineert: de transportsector. Nijhof-Wassink is de grootste in deze branche, Pultrum is een andere bekende naam. Bij elkaar zijn het er ook zo’n twintig. Rijssen is niet alleen een bouwstad, maar ook een transportstad. Bouw en transport zijn ook aan elkaar gerelateerd. Materialen voor de bouw en bouwproducten moeten immers worden vervoerd.

Hanzestad

Hoe komt het kleine Rijssen aan die stevige dosis ondernemerschap? Wat maakt dat het Twentse stadje zich zo onderscheidt? Voor de transportsector is er een simpele verklaring: Rijssen ligt langs de snelweg naar Duitsland. Maar die strategische ligging is een deel van het antwoord. En de bloei van de bouwsector staat daar los van.

Er is meer aan de hand. Het is een bijzonder stadje. Al in 1243 kreeg Rijssen stadsrechten, ruim een kwart eeuw vóór Amsterdam. Gemeenteambtenaren vonden een paar jaar geleden in de Dom van Keulen het bewijs dat Rijssen ook een Hanzestad is. Een kleine zus van een veel belangrijkere Overijsselse Hanzestad, Deventer. Toch voelt het stadje nog steeds als een dorp.

Van belang voor de latere industriële ontwikkeling is dat er langs de Regge leem in de grond zit. Daarvan werden stenen gebakken. Op een gegeven moment waren er ruim tien steenfabriekjes in Rijssen en daarmee was de basis voor de bouwindustrie gelegd.

Een van de steenbakkers, Gerrit Hendrik ter Horst, begon met het vele geld dat hij had verdiend met de aanleg van een baksteenweg een linnenweverij. Zijn zoons stapten in 1850 over op het weven van jute voor de koloniale handel en daarmee brak een nieuw tijdperk aan: Rijssen werd een jutestad.

De Koninklijke Jutespinnerij en -weverij ter Horst maakte een enorme bloei door, maar ging ook, net als de overige textielindustrie in Twente, door zware crises. In 2003 viel het doek. De teloorgang, die zich in stappen voltrok, was het startschot voor nieuwe bedrijvigheid, vaak in de bouw.

Stakingsleider

Ter Steege is een van de bouwbedrijven die voortgekomen zijn uit de textiel. De overgrootvader van de huidige directeur was een leider van de grote staking die Ter Horst in 1906 en 1907 een halfjaar in haar greep hield. ‘Toen de stakingen over waren, was zijn baan ook over. Zo ging dat in die tijd’, zegt Ter Steege.

‘Hij moest wat anders gaan doen en begon een kleine timmerfabriek. Mijn opa heeft het bouwbedrijf groot gemaakt en mijn vader heeft de slag gemaakt van aannemer naar ondernemer.’ Zijn vader diversifieerde in de handel, met een aantal Gamma’s en Bouwmaten, en in de industrie, met de overname van Reginox, een bedrijf dat roestvrijstalen spoelbakken in Rijssen maakt.

Hans, zijn zussen en een broer hebben het familiebedrijf in 2007 opgedeeld. De drie bedrijven die daaruit zijn voortgekomen, hebben samen 700 mensen op de loonlijst staan. De jaaromzet bedraagt €350 mln.

Orthodox reformatorisch

Veel bedrijven in Rijssen hebben een vergelijkbare ontstaansgeschiedenis, maar daarmee is niet alles gezegd over hoe het kan dat er zo veel bloeiende bedrijven zijn. Ondernemerschap is de basis en wordt doorgegeven van generatie op generatie, zeggen Rijssense ondernemers. Maar de echte toverwoorden zijn arbeidsethos, samenwerking en gemeenschapszin.

Die drie begrippen zitten ingebakken in de Rijssense cultuur. Ze zijn deel van het DNA van ons stadje, zeggen Rijssenaars. ‘Het zit er gewoon vanuit je opvoeding in’, stelt wethouder Tijhof.

Die opvoeding is vaak orthodox reformatorisch, maar lang niet altijd. Niet alle inwoners van het stadje, dat omgeven was door veengebieden en daardoor geïsoleerd lag, zijn gelovig, en er is ook een grote katholieke gemeenschap. Maar het calvinisme drukt wel zijn stempel op alles. Zo zijn er ‘meer kerken dan cafés’ en de winkels blijven op zondag dicht. ‘We noemen onszelf wel het oostelijkste puntje van de Biblebelt’, zegt Tijhof.

Bijbelvaste Rijssenaars krijgen arbeidsethos, naastenliefde en saamhorigheid er met de paplepel ingegoten, anderen zuigen die begrippen in hun jonge jaren op. Het zwaartepunt ligt bij allen bij het harde werken. ‘Wat Rijssen zo uniek maakt, is het noeste arbeidsethos’, zegt Ter Steege. Redenerend vanuit het geloof is het de gedachte, aldus de bouwondernemer, ‘dat je bepaalde talenten hebt gekregen en dat je die maximaal moet inzetten.’

Ontspanningscentrum Het Parkgebouw in het Volkspark in Rijssen, ooit gefinancierd door de vermogende jutezakkenfabrikant Ter Horst.
Voor anderen is het uitgangspunt dat je zelf je brood moet verdienen. Bakker: ‘Mijn vader zei altijd: “Als je wat wilt kopen, moet je het zelf kunnen betalen.” Dus je moet werken.’ Jelle Smeijers, een 29-jarige Rijssense IT-ondernemer: ‘Mijn oma zei: “Je kunt een euro maar één keer uitgeven.” Dat blijft in je hoofd.’

Nette tuintjes

Robbin Breukink, een jonge ondernemer in Rijssen die in 2013 Bim4all oprichtte voor dienstverlening aan bouwondernemingen die digitaliseren, bevestigt dit. ‘We worden gestimuleerd om hard te werken. Zes dagen gaat het hier volop door, op zondag ligt alles stil. Ik voel mij daar prettig bij, vanuit mijn geloofsovertuiging. Maar we zijn ook gewoon een heel nijvere gemeenschap. Kijk naar buiten. Alles wordt goed onderhouden, de tuintjes liggen er netjes bij.’ Bij Bim4all werken zeventig mensen en het bedrijf zegt marktleider te zijn in de Benelux.

Samenwerking en gemeenschapszin dragen ook bij aan het succes. De pragmatische gedachte erachter is: samen kom je verder, alleen red je het niet. Het stadje kent een bloeiend verenigingsleven, waaronder een krachtige ondernemersclub, de KWR. Die slaat de handen ineen met de lokale overheid en het onderwijs. Een resultaat van deze verbintenis van de ‘drie o’s’ is Kampus, een instituut waar vakopleidingen worden gegeven in afstemming met en met medewerking van de lokale werkgevers. In het nieuwe schooljaar zijn er 600 studenten.

Jaloers

‘Het voordeel is dat je heel dicht tegen de praktijk aanzit’, zegt Ter Steege, wiens bouwbedrijf net een verdubbeling van het opleidingscentrum heeft opgeleverd. ‘Er wordt in den lande met jaloersheid naar ons gekeken. Geregeld komen er bussen met bestuurders die willen weten hoe wij dat geregeld hebben.’

Ondernemers werken niet alleen veel samen, ze helpen elkaar ook. ‘En dat is niet om er zelf beter van te worden,’ benadrukt wethouder Tijhof, ‘maar vanuit naastenliefde in de christelijke optiek en vanuit Twents noaberschap. Je zorgt ervoor dat degenen die minder goed kunnen meekomen ook meedoen. Met het doel om de gemeenschap als geheel sterker te maken.’

Ondernemers helpen elkaar door het gunnen van opdrachten, door samen op te trekken en door informatie te delen. ‘In de crisisjaren is er in Rijssen geen enkele bouwonderneming failliet gegaan. In de rest van het land vielen ze met bosjes om, maar hier niet’, aldus de wethouder.

Directeur Smeijers van softwarebedrijf Code14, een FD Gazelle met 35 werknemers: ‘Je helpt elkaar als dat nodig is. Dat typeert Rijssen. Mijn vader zit in de bouw en als hij op het hoogtepunt van de bouwcrisis in 2011 of 2012 niet sommige klanten had kunnen behouden, was zijn bedrijf omgevallen. Dat doe je alleen als je elkaar voort wilt helpen.’

Matsi de koe

Oud-KWR-voorzitter Bakker verzon in het lokale dialect een pakkende uitdrukking voor de Rijssense solidariteit: Mats ie mie? Mats ik oe! De wethouders waren er zo dol op, dat ‘matsi de koe’ de mascotte van Rijssen-Holten werd. Maar op de werkkamer van Tijhof is geen knuffeldier te bekennen. ‘Op een gegeven moment is het niet langer leuk’, zegt de wethouder.

De koe is overgedragen aan matsi.nl, waar onderwijs, bedrijven en overheid samen jong ondernemerschap stimuleren. De Hema aan de Haarstraat werd zo een week lang gerund door studenten om werkervaring op te doen. Tijhof: ‘Zo ontstaat er nieuw ondernemerschap.’

 

 

Stichting Leemspoor zoekt sponsors en vrijwilligers

Leemspoorgebouw Arendbaanstraat nog even ‘dakloos’: Stichting zoekt sponsors en vrijwilligers.

Uit: De week van Rijssen dd 30-07-2022

RIJSSEN – De muren van de museumhal van Leemspoor Rijssen aan de Arend Baanstraat staan er inmiddels. De grote hal is echter nog ‘dakloos’. Voor het dichtmaken van het pand is naar schatting 85.000 euro nodig. Inmiddels is er een bijdrage tussen de 20.000 en 25.000 euro toegezegd door één van de aangeschreven fondsen. “Een mooi begin”, aldus Gerrit Averesch, voorzitter van de Stichting Leemspoor Rijssen. “Maar we zijn er nog niet.”

De stichting Leemspoor Rijssen werd vijf jaar geleden eigenaar van het scoutingterrein inclusief blokhut aan de Arendbaanstraat. Hier komt een hal te staan, waar allerlei historisch spoormateriaal ondergebracht kan worden. De fundering van de 480 vierkante meter grote hal werd drie jaar geleden gestort en vrijwilligers metselden vervolgens de binnen- en buitenmuren. “We zijn nu bezig boven dakgoothoogte, soms met ons tweeën, soms met zes man, dat varieert. Veel vrijwilligers werken overdag en dat betekent dat je alleen de avonduren hebt en zaterdags om hier bezig te zijn.”

Inrichting
De stichting zou graag met het dichtmaken van de hal willen beginnen, maar daar moet eerst het geld voor binnen zijn. “Als het dak erop zit, kunnen we de betonvloer leggen en met de inrichting beginnen”, stelt Averesch. Lachend: “Voorlopig blijft het nog bij onkruid schoffelen tussen de muren.”
In de hal wil de stichting museumstukken onderbrengen. Hier worden dan diverse smalspoorgebruiken getoond door het opstellen van de treinen en door het gebruik van informatieborden en ledschermen. Averesch: “De hal krijgt een zodanige inrichting dat alle facetten van het smalspoor kunnen worden beleefd. We kunnen hier bijvoorbeeld een kiepwagen vol met turf en leem laten zien. Doe je dat buiten, dan wordt dat een vieze troep.”

Europese subsidie
Voor de inrichting van de hal en van de blokhut is een Europese subsidie binnen, met bijdragen van provincie en gemeente. “In de blokhut komt het archief en daarnaast een zaal met een grote modelspoorbaan met verschillende smalspoorthema’s, zoals wagons met leem of met turf en een militaire trein. De details moeten we nog uitwerken”, vertelt Averesch.
In de andere zaal van de blokhut komt een filmlokaal waar straks korte historische filmpjes gedraaid worden.
Plannen zijn er genoeg. Nu het geld voor het dak nog, en meer tijd. Een tijdstip waarop de bouw klaar moet zijn, wil Averesch niet noemen. “We blijven gestaag doorgaan, maar we gaan onszelf niet onder druk zetten.”

Vrijwilligers gezocht
De stichting kan nog wel handen gebruiken. “Mede door de coronapandemie zijn er klussen blijven liggen. Daarnaast hebben we vrijwilligers nodig voor het bemensen van de treinen en van de locatie aan de Markeloseweg. We rijden elke zaterdag en in de vakanties wekelijks twee keer extra in de week. Het is een grote uitdaging om dat met inzet van vrijwilligers rond te krijgen, maar tot op heden is dat gelukt.”

Wie mee wil helpen met de bouw, met het onderhouden van het materieel, bij de kaartjesverkoop en de verkoop van koffie en drinken, of op de trein, kan zich melden bij de stichting of een kijkje nemen op een zaterdag om te zien of het iets voor hem of haar is. Voor meer informatie kan gemaild worden naar leemspoor@concepts.nl of gebeld met 06-22 0 22 444.

Vertrektijden
De trein rijdt tot en met 29 oktober elke zaterdag en vertrekt om 13.00, 14.30 en 16.00 uur vanaf de loods aan de Markeloseweg 78b. In de zomervakantie (tot en met 29 augustus) rijdt de trein ook op dinsdag en donderdag, om 13.00, 14.30 en 16.00 uur vanaf de loods aan de Markeloseweg 78b.

Meer informatie staat op de website www.leemspoor.nl.

Wentelende wieken en wind in de zeilen

 

RIJSSEN – Verbaas je over de techniek van het raderwerk in de bijna 300 jaar oude pelmolen en vaar mee het verleden in op de Enterse zomp, die ruim 200 jaar geleden vracht vervoerde over de Regge. Het riviertje kreeg in de afgelopen jaren voor een groot deel zijn oude meanderende vorm terug.

Beide attracties zijn in de maanden juli en augustus te beleven met een combikaart. Laat je eerst de werking van de pelmolen verklaren door de molenaar en je vervolgens meevoeren door de schipper over de meanderende Regge. Maar andersom is natuurlijk ook mogelijk.

De prijs voor de combikaart is slechts €7,50 en geldt vanaf 13 jaar. Kinderen tot en met 12 jaar betalen de voor hen gereduceerde tarieven voor molen en zomp. Let wel, de combikaart geldt in de genoemde periode (9 juli t/m 3 september) uitsluitend op woensdagen. Kaarten zijn verkrijgbaar bij de pelmolen aan het Pelmolenpad in Rijssen. Wil je zo’n combinatie-belevenis ervaren, let dan wel op de vaartijden van de Enterse zomp: 10.00, 11.00, 12.30, 13.30 en 14.30 uur.

Zie ook: www.depelmolen.nl en www.entersezomp.nl

Radio 350 – Plat zat – over wat is en doet nu precies ”De Kooperaatsie”

Wie de Kooperaatsie nog niet kent, hier is een mooie uitleg van voorzitter Jan Bakker.
Ik zou zeggen beluister dit geluidsfragment eens.
Bijzonder hoe de krachten worden gebundeld in Rijssen: “Mooi dat’t zo kann”.
Klik op het pijltje:

Informatiefilm Reggedal Pelmolen

Herinrichting Regge Pelmolen bij Rijssen .

De Regge is de afgelopen jaren vrijwel geheel heringericht. Met het project Regge Pelmolen Rijssen wordt een van de laatste ontbrekende schakels ingevuld.

Eind 2017 is dit project gestart om te komen tot het herinrichten van deze 1,6 km van de Regge. Samen met een particuliere landgoedeigenaar, Landschap Overijssel, de gemeenten Rijssen-Holten en Wierden, Stichting Pelmolen Ter Horst, Sportvisserij Oost Nederland en De Regionale Stichting Enterse Zomp gaat waterschap Vechtstromen de Regge herinrichten en zo weer laten meanderen (slingeren) door het landschap. Voldoende water voor landbouw en natuur, een goede waterkwaliteit, nieuwe natuur maar ook een bijdrage aan recreatief medegebruik zijn de belangrijkste uitgangspunten bij dit project. Net zoals bij eerdere Reggeherstelprojecten ligt ook hier de nadruk op het gezamenlijk vormgeven van de Regge waarbij verschillende belangen worden meegenomen.

 

 

Download hier een mooie fiets- en wandelroute langs de vijf ”iconen”.

 

Er is een mooie fiets- en wandelroute uitgezet langs alle ‘’iconen’’ van de Kooperaatsie.
Deze route is hier te downloaden.

Kijk bij de agenda op deze website, en/of de afzonderlijke websites van De Zomp, Leemspoor, Pelmolen, Musea en Parkgebouw voor openingstijden en andere bijzonderheden.